Hôtel National des Invalides. Het werd in 1671 opgericht door Lodewijk XIV.
Les Invalides diende als onderkomen voor oud-soldaten die hulpbehoevend waren geraakt door hun dienst in het Franse leger. De architect was Libéral Bruant. Vanaf de Pont Alexandre III leidt een reusachtige esplanade van 500 meter lang en 250 meter breed naar het Hôtel National des Invalides, dat de Cathédrale de Saint-Louis-des-Invalides en de Dôme des Invalides omvat. Tevens bestaat Les Invalides uit het Musée de l'Armée, het Musée des Plans-Reliefs en het Musée de l'Ordre de la Libération.
Het Hôtel des Invalides is een soort stad in het klein, met eigen militaire en godsdienstige regels. Aan het einde van de 17e eeuw bood het complex onderdak aan zo'n 4000 militairen. Ze waren verdeeld in compagnieën, stonden onder leiding van officieren en werkten in de schoenmakerij, de tapijtfabriek of de boekverluchting.
Tegenwoordig zet het ziekenhuis, het Institution Nationale des Invalides, zijn oorspronkelijke roeping voort.
Koning Louis-Philippe van Frankrijk zorgde er in 1840 voor dat het stoffelijk overschot van Napoleon van Sint-Helena naar Parijs terugkeerde. Op 15 december 1840 werd voor de overleden keizer een staatsbegrafenis gehouden, waarna Napoleon zijn laatste rustplaats in de kelder onder de gouden koepel vond. Beeldhouwer Louis Visconti kreeg de opdracht om een praalgraf te maken.
Het graf staat in een soort van ondiepe put. Dit heeft als resultaat dat ieder die naar het graf van Napoleon wil kijken nog steeds voor hem moet buigen. Er kan ook naar de onderste ring van de 'put' worden gelopen. Daardoor kijkt men tegen hem op. In 1861 werd Napoleons stoffelijk overschot in Visconti's praalgraf geplaatst. Het rust in vijf verschillende kisten (een van blik, een van mahonie, twee van lood en een van ebbenhout) geplaatst in een sarcofaag van rood kwartsiet (en geen porfier, zoals vaak wordt beweerd) rustend op een sokkel van groen graniet. Het materiaal werd betrokken uit een steengroeve in Finland. Zijn militaire werk wordt vertegenwoordigd door de "Overwinningen" rondom de crypte met in de vloer gegraveerde namen: Austerlitz, Jena, Marengo.
Zijn civiele werk wordt aangegeven in de tien bas-reliëfs van Pierre-Charles Simart op de muren van de crypte (pacificatie van de natie, bestuurlijke centralisering, Raad van State, wetboek, concordaat, keizerlijke universiteit, rekenkamer, wetboek van handel en nijverheid, grote werken, legioen van eer).
Onder het standbeeld van de keizer rust zijn zoon Napoleon II, ook wel l'Aiglon (het adelaarsjong) genoemd.
Maak jouw eigen website met JouwWeb