Castel Sant'Angelo
Het ligt weliswaar niet in Vaticaanstad, maar het is er natuurlijk door de historie wel onlosmakelijk mee verbonden.
De Engelenburcht ontleent zijn naam aan een legende. Op kerstdag 590 hield paus Gregorius I een grote plechtige kerkelijke optocht om God te smeken een einde te maken aan de pestepidemie. Boven op het mausoleum verscheen de aartsengel Michaël. De engel stak zijn zwaard in de schede, wat betekende dat Gregorius' bede was verhoord en de strijd tegen de pestepidemie voorbij was. Paus Pius II liet op de plaats waar de aartsengel zou zijn verschenen een kapel bouwen. Het beeld uit 1752 van de aartsengel Michaël dat boven op het gebouw staat is van de hand van Pieter Antoon Verschaffelt.
De burcht is het oorspronkelijke Moles Hadriani ("het gevaarte van Hadrianus"), het grote mausoleum van keizer Hadrianus, dat werd gebouwd tussen 123 en 139 n.Chr. onder leiding van de architect Decrianus.
Het mausoleum was in de late oudheid al getransformeerd in een burcht. Vanaf 280 omringde de Aureliaanse Muur het grootste deel van de oude stad, maar het Vaticaan viel daar buiten. Door de opkomst van het christendom trokken steeds meer pelgrims naar de oude Sint-Pietersbasiliek, die met zijn kunstschatten vrijwel onverdedigd buiten de stad lag. Het mausoleum lag op een zeer strategische positie tussen het Vaticaan en de brug over de Tiber en werd daarom in de verdedigingswerken van de stad opgenomen.
De beelden die op de rand van het mausoleum stonden, zijn eens gebruikt om de Goten te verjagen. Nadat de Goten weg waren streden de pausen en de adel om de burcht. Zij lieten de Engelenburcht verbouwen tot een sterke vesting die de Kerkelijke Staat moest beschermen tegen invallers, maar ook tegen de middeleeuwse Romeinse adel en burgerij.
Voor de veiligheid liet paus Nicolaas III in 1277 de Passetto (doorgang) bouwen, ook wel de Corridoio (corridor) genoemd. Dat was een muur tussen het Apostolisch paleis en de veilige burcht die uitkwam op de Aureliaanse Muur. Nu kon de paus, wanneer er gevaar dreigde, zich verschansen achter de dikke muren van de Engelenburcht.
Na de plundering van Rome door Spaanse en Duitse troepen in 1527 werd paus Clemens VII verplicht de burcht open te stellen voor de troepen van Karel V. Deze laatste legerde zijn troepen in de burcht en verwierf zo een grotere controle over Rome.
Later werd de burcht ook als pauselijke schatkamer gebruikt. Tot en met de 16e eeuw werden de verdedigingswerken verbeterd en de zalen steeds mooier versierd. Zo liet paus Paulus III de burcht comfortabeler inrichten voor het geval een van de pausen voor langere tijd in de burcht zou moeten verblijven.
Nog in 1814 werd de burcht belegerd. Het was op dat moment bezet door een garnizoen dat trouw was gebleven aan Napoleon, en werd omsingeld door een korps uit Napels, het koninkrijk van Napoleons zwager, de vorst Joachim Murat.
Pas na september 1870, toen het Vaticaan de Engelenburcht overdroeg aan het Italiaanse leger, kreeg het voormalig mausoleum een rustige functie. In de burcht werd een museum ingericht dat in 58 zalen de geschiedenis van de burcht laat zien. In de zaal van Perseo zijn een aantal Vlaamse wandtapijten uit de 17e eeuw te zien. Het schilderij De opvoeding van Bacchus van een leerling van Rubens, in de zaal van Hadrianus, wordt toegewezen aan Jacob Jordaens. De laatste jaren is er veel aan gedaan om de burcht een beter aanzien te geven. Een deel van het vestingwerk is nu hersteld en een park geworden.
Citta del Vaticano (Vaticaanstad)
Vaticaanstad, officieel de Staat Vaticaanstad, is de kleinste onafhankelijke staat ter wereld. Het grondgebied van dit land wordt geheel omsloten door de stad Rome, waardoor het een enclave binnen Italië is.
Vaticaanstad wordt volkenrechtelijk vertegenwoordigd door de Heilie Stoel en huisvest de hoofdzetel van de Rooms-Katholieke Kerk. Staatshoofd van Vaticaanstad is de paus, die zijn officiële residentie heeft in het Apostolisch Paleis. Ten tijde van de sede vacante, de pausloze periode na het overlijden (of aftreden) van de regerende paus, worden de lopende zaken behartigd door de Camerlengo.
Het dwergstaatje is in 1929 ontstaan als gevolg van het Verdrag van Lateranen, dat door paus Pius XI en Benito Mussolini werd ondertekend. Daarin werd nadrukkelijk opgenomen dat het een nieuw gecreëerde staat is. Formeel kan het dus niet als voortzetting of herleving van de Kerkelijke Staat beschouwd worden.
Vaticaanstad is geen lid van de Europese Unie, maar neemt wel deel aan diverse internationale organisaties. Het staat sinds 1984 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.
Zo druk is het elke dag. De Baseliek is trouwens gratis, maar voor de musea moet je wel betalen.
Het Vaticaan denkt er nu ook aan een bezoekerslimiet in te stellen voor de wereldberoemde musea die alsmaar meer bezoekers te verwerken krijgen. Vooral de Sixtijnse Kapel kreunt op piekdagen onder een bezoekersaantal van meer dan 30.000 mensen. Met dat aantal is overigens ook de veiligheidslimiet bereikt.
De Vaticaanse Musea bestaan uit in totaal 54 galerijen met vele duizenden kunstschatten. Meer dan zes miljoen bezoekers trekken elk jaar naar het Vaticaan om er de gebouwen en kunstvoorwerpen te bewonderen. De grootste attractie is ongetwijfeld de Sixtijnse Kapel, die dagelijks een gemiddelde van zowat 30.000 bezoekers te verwerken krijgt. Een vaste limiet op het aantal bezoekers voor de Vaticaanse Musea werd tot dusver nog niet gesteld.
De paus bezat eeuwenlang als Kerkelijke Staat een groot gebied in Centraal- en Oost-Italië, waaronder Lazio, de regio waarin Rome ligt. In 1866 veroverden de republikeinse troepen onder Giuseppe Garibaldi twee derde van de Kerkelijke Staat, maar Latium bleef voor de paus behouden door steun van de Franse keizer Napoleon III.
Toen in 1870 Napoleon III zijn troepen terugtrok om ze in te zetten aan het front in de Frans-Duitse Oorlog, volgde op 20 september de Inname van Rome. Na een volksraadpleging werden Lazio en Rome door het in 1861 opgerichte koninkrijk Italië geannexeerd. De politieke macht van de kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders was in Italië door de liberaal-nationalisten vrijwel tenietgedaan. Alhoewel de Kerkelijke Staat in 1870 had opgehouden te bestaan, kon de Heilige Stoel, als zelfstandig subject van volkerenrecht, diplomatieke betrekkingen blijven onderhouden.
De paus beschouwde zichzelf na het verlies als de gevangene van het Vaticaan en wilde het grondgebied niet verlaten. Opeenvolgende pausen bleven de legitimiteit van de annexatie van 1870 bestrijden. Deze situatie duurde bijna 60 jaar, tot 1929. Toen ondertekenden Pius XI en Mussolini voornoemd verdrag. Hierin werd bepaald dat de paus het huidige kleine stukje grondgebied als soevereine staat toegewezen kreeg.
De Vaticaanse Musea. Ik heb wel lang getwijfeld of ik hier naar toe zou gaan. Immers het grootste deel van alle kunstschatten in het museum zijn niet op eerlijke wijze verkregen. Bovendien is het er heel erg druk. Maar ik kon met een gepensioneerde gids voor een zacht prijsje mee, lang alle wachtenden. We kregen dan ook allen maar de highlights, maar prima. Het hele museum bezoeken kost so-wie-so minsters 4 dagen.
In de vroegere, pauselijke paleizen vind je nu de meest indrukwekkende musea van Rome. Dit zijn de maar liefst 26 verschillende Vaticaanse Musea, verdeeld over een enorm complex met tal van zalen. De collectie is zo groot, divers en belangrijk, dat men deze tot ’s werelds belangrijkste musea rekent. De opeenvolgende pausen hebben in 4 eeuwen een immense kunstverzameling opgebouwd. Natuurlijk vind je er ontzettend veel religieuze voorwerpen. Maar ook kunst uit de Romeinse en Egyptische oudheid kun je hier bewonderen.
De sixtijnse Kapel. Je mocht niet fotograferen of filmen. Dat durfde ik ook niet, dus maar op internet gezocht.
De tuin van het Vaticaan is ook ontzettend mooi hoor. Ik zou willen dat ik zo'n tuintje had. We kwamen de Paus trouwens niet tegen op z'n middag wandeling.
Sint Pieter Baseliek
Bij binnenkomst valt je gelijk de enorme afmeting van de basiliek op. Deze is maar liefst 187 meter lang. Op het breedste punt is de kerk meer dan 150 meter breed. De koepel is meer dan 130 meter hoog. De voorgevel meet zo’n 115 meter. Maar dat is niet alles wat opvalt. De weelderige decoratie van alle kunstobjecten, het prachtige marmer, de schitterende pilaren en de vele bijzondere beelden maken een geweldige indruk.
In de kerk vind je maar liefst 11 kapellen en 45 altaren. Je komt ogen te kort om alles in je op te nemen. Een absoluut hoogtepunt is het Baldakijn van verguld brons. Deze troonhemel staat in het meest heilige deel van de kerk, men vermoedt boven het graf van Petrus. Het baldakijn dient als pauselijk altaar. Een andere blikvanger is de enorme koepel. Michelangelo ontwierp dit kunstwerk. Het eindresultaat heeft hij helaas nooit kunnen bewonderen omdat hij kort daarvoor overleed.
Als je de Sint-Pietersbasiliek betreedt, vallen vijf bronzen deuren op. De linker deur noemt men de deur des doods. Je ziet hierop afbeeldingen van de laatste uren van onder andere Christus en Petrus. Als een paus overlijdt, verlaat zijn lichaam via deze deur de kerk. De meest rechter deur is de heilige deur (zie foto hieronder). De paus mag deze deur alleen maar openen tijdens zogenaamde jubeljaren.
Maak jouw eigen website met JouwWeb