Voordat we wat verder weg gaan van het centrum nog even in de buurt blijven. Vlakbij de de Rooseveltplaats ligt de Vlaamse Opera. Een prachtige gebouw, maar wat er onder ligt is (vind ik) nog interessanter. Dat zal wel komen door mijn werk als stadsgids in Bergen op Zoom.
De Kipdorpbrug was een brug, 90 meter lang en 7 meter breed, gelegen aan de buitenzijde van de 16e-eeuwse Spaanse omwalling van de Belgische stad Antwerpen en gebouwd vanaf 1542. De brug ligt onder het huidige Operaplein. De brug, samen met een bastion, 12 meter hoog en een gedeelte van de stadsmuur werden blootgelegd tijdens de aanleg van de Noorderlijn onder een gedeelte van de Frankrijklei en de Italiëlei. Het complex werd opengesteld voor het publiek tijdens het weekend van 10 en 11 februari 2018.
Keizer Karel V gaf opdracht om de Spaanse omwalling aan te leggen om Antwerpen, een zeer belangrijke handelsmetropool te beschermen, onder meer tegen de aanval van het leger van het hertogdom Gelderland onder leiding van Maarten van Rossum. De middeleeuwse muur werd afgebroken en vervangen door een tien meter hoge muur, voorzien van vijf monumentale stadspoorten in renaissancearchitectuur waaronder de Kipdorppoort, negen vijfhoekige bastions en een stadsgracht. Voor het ontwerp trok men de Italiaanse architect Donato Di Boni aan. Op deze plek werd, in tien jaar tijd, het bastion gebouwd, dan de poort en tenslotte de Kipdorpbrug onder leiding van architect Gilbert van Schoonbeke.
De Spaanse omwalling werd een van de modernste verdedigingswerken van zijn tijd die de stad internationale allure gaf. Ze bewees haar waarde tijdens de Franse Furie in 1583 toen Frans van Anjou in een vergeefse poging de stad via de Kipdorppoort wilde veroveren, in opdracht van Willem van Oranje. Samen met de Keizerspoort (restanten onder de Leopoldplaats) was de Kipdorppoort de belangrijkste toegangspoort van de stad. Iedereen die van en naar de Kempen of Noord-Brabant ging in die tijd, kwam langs de Kipdorpbrug. Ze was tijdens de zomer geopend van 3h30 tot 23h en in de winterperiode van 5h30 tot 22h. Wie te laat kwam moest buiten de stad een onderkomen zoeken.
Tijdens het Beleg van Antwerpen viel de stad in 1585 tenslotte in 'Spaanse' handen. Alva breidde de verdediging van de stad verder uit door de aanleg van een citadel op het huidige Zuid.
In de 19e eeuw (1864-1865) werd de Kipdorppoort en de omwalling afgebroken om plaats te maken voor de Antwerpse boulevard. Enkel de kasseien en de bovenste anderhalve meter van het natuurstenen parement werden ontmanteld. De Kipdorppoort verdween volledig. Met het afbraakmateriaal werd de stadsgracht gedempt en de lagere muren verdwenen onder de leien.
Dan gaan we op weg naar Borgerhout en Zurenborg. Dan kom je langs een plek die veel Nederlanders over het hoofd zien. Het Stadspark. Daarom hier eens wat aandacht voor dit park, want het is gewoon de moeite waard er eens wat tijd door te brengen op een mooie dag.
Het Stadspark is een 14 ha groot park in het centrum van de Belgische stad Antwerpen. Het heeft de vorm van een driehoek waarvan de basis naar het zuiden en de top naar het noorden is gericht. Het park wordt omzoomd door de Quinten Matsijslei in het oosten, de Van Eycklei in het zuiden en de Rubenslei in het westen. Het Stadspark neemt de plaats in van de vroegere schans of lunet Herentals die een onderdeel vormde van de vesting Antwerpen. Opmerkelijk is de door architect Édouard Keilig tussen 1867 en 1869 gebouwde brug over de in het Stadspark gelegen vijver.
Via de Plantin en Moretuslei bracht de Herentalse Vaart vers water van de Boven Schijn in Wommelgem naar de parkvijver dat verder via een buis onder de Maria-Henriettalei en het Blauwetorenplein aan de Oude Vaartplaats in de Antwerpse ruien afwaterde. Een andere buis, de brouwersbuis, leidde water van de noordelijke arm van de parkvijver via de Maria-Theresialei, de Frankrijklei en de Italiëlei noordwaarts naar de houwer (aan de Rodepoort) en de brouwerskelder waaruit de brouwerijen aan de Brouwersvliet tot 1931 hun water bekwamen. Tegenwoordig is deze toevoer van Schijnwater afgesloten en is de vijver van het Stadspark een grondwatervijver. Tijdens en na de werken aan de Leien zakte door het wegpompen van water uit de nieuwe tunnels het grondwaterpeil, waardoor de vijver bijna helemaal droog kwam te staan. Ondertussen zijn pompen geïnstalleerd die het waterpeil weer kunstmatig hoog houden.
Via de Maria-Theresialei, Louisa-Marialei en Maria-Henriettalei is het Stadspark westwaarts met de Frankrijklei, een onderdeel van De Leien verbonden.
Borgerhout
De bekendste straat van de wijk Zurenborg is de Cogels-Osylei, in het Berchemse gedeelte, dat als geheel bekend is voor zijn architectuur. Het belangrijkste plein gelegen in het centrum van de wijk (in het district Antwerpen) is de Dageraadplaats, bijna volledig omzoomd door cafe's en restaurants en op zonnige dagen één groot terras aan de Sint Norbertuskerk. Het plein is in 2005 ingrijpend heringericht en geldt als een succesvol voorbeeld van een op de wijk gerichte ontmoetingsplek.
Een andere ontmoetingsplek met onder meer de bekende cafe's De Draak en Wattman is de combinatie Draakplaats-Tramplaats, doorsneden door een 19e eeuwse in art nouveau stijl opgetrokken spoorbrug van de Antwerpse ringspoorlijn die naast de eroev ook de grens tussen de districten Antwerpen en Berchem vormt. In 2015 werd een lichtkunstwerk onthuld waarbij de drie middelste bogen van de spoorbrug op de Draakplaats elke avond in regenboogkleuren verlicht worden, als teken van diversiteit en monument voor holebi's en transgender. In de nabijheid van de brug bevindt zich op de Draakplaats Het Roze Huis. De spoorbrug wordt in de periode 2019-2021 volledig gerenoveerd waarbij de betonnen facade aan de Berchemse kant die niet origineel is, wordt herbouwd in dezelfde stijl als de Antwerpse zijde.
De wijk Zurenborg ontstond aan het einde van de negentiende eeuw, op de gronden van het echtpaar John Cogels (1814-1885) en barones Josephina Osy de Wichem (1821-1882) dochter van baron Joannes Josephus Osy de Wichem (1792-1866) waarvan ze verschillende gronden erfde die genoemd werden naar de hoeve Zurenborg die op de grens lag tussen Berchem en de Antwerpse buurtschap Haringrode. De hoeve werd op haar beurt genoemd naar de omliggende destijds waterzieke verzuurde bodem waar ze als borg op stond. In de Slag bij Berchem raakte de adellijke avonturier Frédéric de Merode aan de Leemstraat halverwege de Zurenborghoeve en het Posthof gewond aan zijn been, waaraan hij stierf. Het ontstaan van de wijk werd gestimuleerd door de bouw van het station Borgerhout (huidige station Antwerpen-Oost) in 1873.
Oorspronkelijk was het de bedoeling om vooral magazijnen, handel en horeca in de buurt van het station in te richten, maar bij gebrek aan belangstelling van handel werd de wijk voornamelijk als residentiële woonwijk ontwikkeld. De wijkontwikkeling werd uitgevoerd door de Société Anonyme pour la Construction de Maisons Bourgeoises.
Zoals de naam van de ontwikkelingsmaatschappij het zelf zegt, was de wijk vooral bedoeld voor de (gegoede) burgerij. Daardoor was er veel aandacht voor verkavelingswijze, schoonheid van gebouwen, bestrating en wijkverfraaiing in het algemeen. Voor Antwerpen is de wijk uniek daar het een van de weinige wijken in deze ontwikkelingsperiode was, die met een coherent stedenbouwkundig plan met een consistent stelsel van straten en pleinen tot stand is gekomen.
Zurenborg kende in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog door de massale stadsvlucht, een periode van verval. Daarin kwam vanaf de jaren zestig en vooral zeventig een kentering toen de wijk kunstenaars, intellectuelen, politieke hemelbestormers en andere "alternatievelingen" begon aan te trekken. Inmiddels geldt de wijk Zurenborg als een goed voorbeeld in Antwerpen waar mensen van verschillende achtergrond goed met elkaar samenleven.
De ontwikkeling van de Cogels-Osylei (1881-1914) liep parallel met de hoogdagen van bouwstijlen als jugendstil, art nouveau, eclectische stijl en neoclassicisme. Naar deze periode wordt nostalgisch verwezen met de Franse term belle époque (het mooie tijdperk). Architecten als Jacques de Weert, Jules Hofman, Frans Van Dijk en Joseph Bascourt hebben hier fraaie woningen ontworpen voor de gegoede burgerij. Met name bij huizen als 'De Roos' (nr 46) en 'De Zonnebloem' (nr 50), ontworpen door architect Jules Hofman, en 'De Iris' (nr 44) door architect Van Den Bossche en 'Quinten Matsijs' (nr 80) door architect Jacques De Weerdt zijn fraaie art nouveau elementen verwerkt in de façades. Alle huizen hebben een voortuintje en een wandeling door deze straat is een architecturale belevenis. Ook in de nabijgelegen straten als Transvaalstraat en de Waterloostraat zijn veel fraaie huizen te bewonderen. Met name het ensemble huizen 'De vier Jaargetijden' ontworpen door architect Joseph Bascourt is bijzonder. Ook de façades van onder meer 'Les Mouettes', 'Napoleon', en 'Waterloo' in de Waterloostraat hebben veel fraaie details in de façades. Onder de spoorwegbrug bevindt zich een gedenkplaat met daarop het gedicht ‘Thuis’ van Herman De Coninck, de bekende schrijver/dichter die in deze straat woonde, en die de wijk ook woordspelerig 'Burenzorg' noemde.
In de jaren zestig stonden de Cogels Osylei en de naburige straten op de nominatie om te worden gesloopt en plaats te maken voor een groot kantoren en appartementencomplex. Deze plannen zijn uiteindelijk niet doorgegaan en de wijk is sedert 1984 beschermd als stadsgezicht en de meeste huizen zijn geklasseerd als monument. Met steun van subsidies hebben veel eigenaren hun huizen in de loop van de tijd kunnen renoveren.
De Cogels Osylei en ook enkele straten in het noordelijk deel van Zurenborg hebben ondanks protest in de wijk echter reeds lang te lijden van het intensieve zware stadsbusverkeer. De vele bussen maken de verkeerssituatie voor met name fietsers en voetgangers onveilig met ongelukken tot gevolg. De vele trillingen veroorzaakt door het zware busverkeer over het losgereden kasseiendek in combinatie met de zware diesel- en fijnstofvervuiling worden veel architectonische details aangetast.
In oktober 2019 werd de honderdste sterfdag van architect Jules Hofman herdacht met onder meer de uitgave van het boek Jules Hofman geschreven door Alex Elaut. Deze Nederlands-Belgische architect is een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de Antwerpse art nouveau. Voor zijn realisaties in de wijk Zurenborg waaronder De Zonnebloem, De Roos, en De Tulp aan de Cogels-Osylei, kreeg hij de bijnaam van Antwerpse Victor Horta.
Reeds vele jaren wordt er nagedacht hoe de wijk, en met name de Cogels-Osylei beter te beschermen. Dit heeft onder meer geleid tot het door de Stad Antwerpen opgestelde Herwaarderingsplan Zurenborg. Dit plan, gepresenteerd in 2012 en goedgekeurd door de Vlaamse regering in 2013, richt zich op het in originele staat herstellen van facades, het terugbrengen van voortuinen met het kenmerkende oorspronkelijke smeedijzeren hekwerk, en het herinrichten van de straten. Het zou met name het openbaar gebied in de wijk opwaarderen, en de uitstraling van de architectuur in de wijk doen versterken. Echter, weinig vooruitgang is tot dusverre geboekt. De verantwoordelijkheid over de Cogels-Osylei als straat is verdeeld onder de openbaar vervoersmaatschappij De Lijn die de stroken met de tramrails in eigendom heeft, de Stad Antwerpen en het District Berchem, ieder met sterk verschillende belangen. Bovendien heeft de Vlaamse Dienst Erfgoed veel invloed omdat de gehele straat beschermd stadsgezicht is. Hierdoor is het nemen van kordate beslissingen nagenoeg onmogelijk. En het herstellen van de voortuinen als onderdeel van het historisch stadsgezicht roept verzet op bij een aantal huiseigenaren die hun wagens niet langer in hun voortuin kunnen parkeren.
Aan het Burgemeester Edgard Ryckaertsplein waar de Cogels-Osylei op uitkomt en waaraan zich ook het station Antwerpen-Berchem bevindt en daarom ook bekend is als het Berchemse stationsplein stonden vroeger twee poorten de Borsbeeksepoort waar nu het kruispunt is van de Borsbeekbrug met de Binnensingel en de Spoorbaanpoort tegen de spoorweg aan.
Maak jouw eigen website met JouwWeb